Decennialang al kondigen media de komst van de robots aan. Decennialang al gaat dat gepaard met de vraag of we moeten vrezen voor onze jobs. Aan wie er nog over twijfelt: het antwoord is ‘ja’. Tienduizenden banen staan vandaag op de tocht. Het goede nieuws is wel dat er minstens evenveel nieuwe in aantocht zijn. Massaal op de barricades springen, is nergens voor nodig.

Verzet = meer kwaad
Integendeel zelfs, de geschiedenis leert dat verzet meer kwaad dan goed doet. Dat illustreert Erik Buyst, professor economische geschiedenis aan de KU Leuven, met een voorbeeld uit de middeleeuwen. In de textielindustrie was het toen de gewoonte om wollen stoffen te reinigen en te vervilten in kuipen gevuld met urine en andere natuurlijke chemicaliën. Om het proces te bespoedigen, moesten arbeiders uren in het vieze goedje trappelen. De komst van de volmolen luidde het einde van dat tijdperk in. Een watermolen voorzien van hamers maakte het voetenwerk overbodig.

 

Dat automatisatie ten koste gaat van jobs, mag nooit een reden zijn om ontwikkelingen tegen te houden – Erik Buyst

 

Nefast op lange termijn
Erik Buyst: “Toch duurde het lang voor de molen in onze contreien opgang maakte. Precies omdat vollers en andere ambachtslieden voor hun job en inkomen vreesden.” Op langere termijn bleek die weerstand nefast voor de textielnijverheid. Terwijl de volmolen in Engeland furore maakte, bleef het aantal bij ons beperkt. Resultaat: Engeland dreef zijn productie de hoogte in, wij verloren terrein.

Concurrentieslag = drama
Eenzelfde scenario in het begin van de negentiende eeuw, toen de stoommachine van James Watt machinaal spinnen mogelijk maakte: de Engelsen schakelden massaal over, Vlamingen bleven koppig zweren bij het ambachtelijke spinnenwiel. Tienduizenden vrouwen haalden er immers hun broodwinning uit. Erik Buyst: “De concurrentieslag draaide uit op een drama voor wat vandaag de provincies West- en Oost-Vlaanderen zijn. Er verdwenen niet alleen veel jobs, we misten ook een belangrijke kans om de weefselproductie op te trekken en de kostprijs naar beneden te krijgen.”

Gespecialiseerde handspinners
Omdat textiel aan de andere kant van de plas zoveel goedkoper werd, nam de vraag er hand over hand toe. Dat opende de weg naar nieuwe jobs, vaak in subsectoren waar automatisatie (nog) niet mogelijk was. Zo kwam het dat de handspinners van weleer zich specialiseerden in het vervaardigen van kleren, beddengoed, tafellinnen enzovoort.

 

Zorg ervoor dat robots technologisch top zijn én dat ze bij reële behoeften van de markt aansluiten – Erik Buyst

 

Wasmachine van de band
Ook de lopende band van Henry Ford in de eerste helft van vorige eeuw, lieten we jarenlang links liggen. Terwijl de Amerikanen vanaf de jaren twintig voor de bijl gingen, bleef de aankoop van een auto of stofzuiger in Europa een dure aangelegenheid. De vraag bij het grote publiek bleef uit, de economische groei net zozeer. Dat veranderde pas in de jaren vijftig, toen wasmachines en televisietoestellen ook in Europa van de band rolden en dus goedkoper werden.

Aan de spits met robotica
Erik Buyst hoopt alvast dat we met de robotica wel aan de spits zullen staan. Voor ingenieurs heeft hij maar één boodschap: “Omarm de robots. Zorg ervoor dat ze technologisch top zijn én dat ze bij reële behoeften van de markt aansluiten.” Hij denkt onder meer aan exemplaren die simpele huishoudelijke taken overnemen, bijvoorbeeld bedden opmaken. Niet alleen ons eigen leven zou vergemakkelijken, ook voor pakweg de hotelsector zou het een revolutie ontketenen.

Andere manier van denken
Dat automatisatie ten koste gaat van jobs, mag volgens de economieprofessor nooit een reden zijn om ze te stuiten. Voor werknemers én vakbonden betekent dat alleszins een andere manier van denken. “We moeten veronderstellen dat een job voor het leven niet meer bestaat. Ga dus niet kost wat kost in egelstelling staan, maar blijf in jezelf investeren. Wapen je met de vaardigheden die nodig zijn om je om te scholen.”

Gemiddelde werktijd = 3 uur
Erik Buyst verwacht trouwens dat de robots onze gemiddelde werktijd verder zullen terugdringen. Wie weet, komt zelfs de voorspelling van de toonaangevende econoom John Maynard Keynes uit. In 1930 schatte hij dat we tegen 2030 nog maar drie uren per dag zouden werken, met dank aan de machines. Dat schept dan weer tijd voor de echt leuke dingen des levens. Geef toe, daar kan niemand tegen zijn.